Zuid-Afrika, Botswana & Zimbabwe 2015

- Wie zijn wij - - Reisverslagen - - Onze auto's - - 'This is Africa' - - Album - - Contact / Links - - Gastenboek - - Voor overlanders/reizigers -

Hieronder een samenvatting van onze vakantie door Zuid-Afrika, Botswana en Zimbabwe. Er valt namelijk weer van alles te vertellen.

Op 19 juli is het zover: we stappen weer in het vliegtuig richting Zuid-Afrika!! Vanaf Schiphol eerst naar Londen. Tijdens onze overstap daar gaat er bij de controle van Eelke’s paspoort een rood lampje branden. Hij heeft geen bagage ingecheckt en dat kan een aanwijzing zijn dat iemand andere bedoelingen heeft. Na uitgelegd te hebben dat Maaike wel bagage heeft (wel 10 kilo), dat we naar onze eigen auto toe gaan waarin nog heel veel spullen liggen, mogen we door.

We worden opgehaald door iemand van het bedrijf waar onze slak heeft gelogeerd na onze grote reis. Deze staat al netjes klaar buiten. Eerst maar het stof er af spoelen. Normaal gesproken doen zij dat, maar aangezien onze auto een kleine gebruiksaanwijzing heeft ten aanzien van lekkages hadden we gevraagd om dat niet te doen. Toen Eelke later de zonnepanelen wilde plaatsen, kwam hij er achter dat de blokken waar ze op liggen los lagen. Eerst dachten we dat de lijm losgelaten had, wat volgens de verkoper van de kit destijds zo goed als onmogelijk was. Maar nee, het bleek dat de verf waarmee we het dak eens ingesmeerd hadden had losgelaten. Gelukkig hadden we nog een tube wonderkit bij ons, dus de blokken opnieuw vastgeplakt en de zonnepanelen gemonteerd. Nadat we ons tijdelijke huis weer ingericht hebben, gaan we lekker slapen. Stiekem slaapt dit bed toch wel weer erg lekker.

De volgende ochtend nog wat kleine klusjes en boodschappen doen. Alles moet weer gevuld worden: de koelkast, onze portemonnee en de dieseltank. Daarna op zoek naar het verhuurbedrijf waar Serge en Tatiana hun auto gehuurd hebben. We gaan namelijk een deel van deze vakantie met zijn vieren op pad. Na een paar rondjes gereden te hebben, gelukkig niet al te groot, vonden we de loods waar zij hun auto ophaalden. Serge en Tatiana gaan op pad met een spiksplinternieuwe auto Hilux met daktent.

En dan echt op pad. Ons doel voor vandaag is Pilanesberg, maar het is inmiddels al half drie en het is nog ruim 200 kilometer rijden. We eindigen in de buurt van Hartbeespoortdam op een camping aan het stuwmeer. Daar hebben we ons eerste potje met zijn vieren gekookt en lekker bijgekletst.

De volgende ochtend, nog steeds met uitzicht op het meer, ontbeten. Daarna onze spullen ingepakt en alsnog op weg naar Pilanesberg. Daar kwamen we rond het middaguur aan. Het gevoel dat we hadden (gebaseerd op de reisgidsen en verhalen van anderen) was dat dit een soort Beekse Bergen is. Je rijdt met zijn allen achter elkaar aan en staat in de rij om een foto te maken. Niks bleek minder waar. Het is een hele mooie omgeving met wat heuvels. Het was wel droog, maar dat is ook de tijd van het jaar. Andere auto’s zijn we niet veel tegen gekomen. De dieren stonden ook niet in de rij om zich te laten zien aan ons. Uiteindelijk hebben we in de buurt van het water nog heel wat gezien. Het waren voor Serge en Tatiana de eerste giraffen, olifanten, neushoorns, impala’s, wildebeesten, springbokken en nijlpaarden. We hebben nog een mooie plek gevonden waar we gewacht hebben tot de zon onder ging. Vlak bij een waterpoel waar eerst 5 mannetjesbuffels een grijsbok hebben weggejaagd. Dezelfde 5 buffels werden later weggejaagd door een kleine kudde olifanten. Ook de giraf die nog wat wilde drinken heeft gewacht tot de olifanten weer weg waren.

De volgende ochtend wilden we al weer vroeg op pad. Serge en Tatiana moeten daar nog een beetje aan wennen. Het feit dat het best fris is zal niet geholpen hebben. De dieren hadden blijkbaar ook last van de kou, want we hebben erg weinig gezien. Op een gegeven moment bleven Sergen en Tatiana wel erg lang buiten beeld en toen we ze weer zagen was de tekst: we hebben een luipaard gezien. Ja vast, leuke grap. Maar ze hadden het dier al sluipend richting impala’s vastgelegd op film. Helaas voor ons dus. Serge heeft wel portofoons bij zich voor dit soort momenten, maar uiteraard lagen die die ochtend nog ergens in een tas achter in de auto. Laten we er maar vanuit gaan dat onze tijd nog wel komt.

Vanuit Pilanesberg zijn we naar Botswana gereden. Na een nachtje tegen de grens aan geslapen te hebben, rijden we de volgende dag naar Khama Rhino Sanctuary. De Sanctuary is vele malen kleiner dan een gemiddeld Nationaal Park, maar nog groot genoeg om een paar uur met je eigen auto door heen te rijden. Dat hebben we in de middag ook gedaan. En met resultaat: we hebben een stuk of 10 witte neushoorns gezien. De dieren waren ook hier weer te vinden bij het water. De een nam een modderbad, terwijl de ander lekker lag te slapen. Ook moeder met kind kwam aan het einde van de middag aangewandeld. We hebben ook nog een aantal andere dieren gezien, maar de neushoorns waren toch ons hoofddoel. Op de camping, met allemaal mooie afgescheiden plekken hebben we  lekker gegeten en een kampvuur gemaakt van het hout dat we nog over hadden van de vorige dag.

Daarna op naar het volgende doel van deze reis: Kubu Island. De laatste veertig kilometer ging over gravel en zand. Af en toe kregen we de mogelijkheid om tussen de struiken door naar de zoutvlakte te kijken. Vanaf het dak van de auto hebben we mooie foto’s kunnen maken van de uitgestrektheid van de pan. Het was ook mogelijk om op sommige stukken over de zoutpan te rijden. Dat voelt heel vrij en nietig! Blij dat we dit alsnog hebben gedaan. Tijdens onze reis vorig jaar hadden we dit deel overgeslagen.

Kubu Island is een soort schiereiland gemaakt van rotsen in de zoutpan. Tussen de rotsen staan allemaal baobabs. Dat maakt dat dit een bijzonder stukje natuur is. Voor het eerst deze vakantie zouden we hier twee nachten blijven staan. Een dag niet autorijden, maar van de omgeving genieten. Heerlijk! Helaas heeft het wel twee dagen vrij hard gewaaid, waardoor het voor ’s avonds goed zoeken was naar een beetje aangename plek. Beide avonden zijn we vroeg naar bed gegaan, maar niet voordat we uitgebreid de sterrenhemel hadden bewonderd. Dit blijft ook prachtig. ‘Helaas’ was het volle maan en dat maakte dat er wat minder sterren te zien waren, maar dan nog… Zonsopgang hebben we vanwege de kou, 2 graden, maar laten schieten.

Toen op naar Elephant Sands. De rest van de middag hebben we op het terras gezeten waar we uitzicht hadden op de waterhole met drinkende olifanten. En dat waren er veel, heel veel. Gemiddeld stonden er rond de 80 dieren, maar er vond continu verversing van de groep plaats. Een enkele olifant waagde het erop om met zijn slurf over het randje van het terras op zoek te gaan naar iets interessants.

Tijdens het ontbijt nog eens op de kaart gekeken. We willen graag een stuk van de huntersroad rijden. Deze weg ligt op de grens tussen Botswana en Zimbabwe. Bij de receptie hebben we nagevraagd of er geen problemen waren. Volgens de mevrouw werd het op dit moment afgeraden om de huntersroad te rijden en zeker daar te overnachten, omdat er veel anti-stropers eenheden patrouilleren en je makkelijk opgepakt kan worden. Eigenwijs als we zijn hebben we het ook aan de eigenaar gevraagd. Volgens de eigenaar  was het geen enkel probleem: je kon er gewoon rijden en ook kamperen. Hij had er vorige week ook nog iemand naar toegestuurd. Hij heeft uitgelegd hoe we er moeten komen ‘daar waar het bord staat verboden toegang, daar moet je erin’. Aha. Toen we hem op weg naar onze auto’s weer tegenkwamen krabbelde hij wel een beetje terug door te melden dat er veel anti-stroperseenheden op pad zijn, maar mochten we problemen krijgen dan moesten we ze maar naar Mike van Elephant Sands verwijzen. We zien wel wat we tegenkomen onderweg. Na een paar kilometer kwamen we een aantal hutten tegen. Het leek een soort basiskamp voor de anti-stropers eenheden. Daar werden we staande gehouden door een man. Hij vertelde ons dat we tot de grens mochten rijden en daarvandaan weer over dezelfde weg terug zouden worden gestuurd door zijn collega’s. We hebben dit aangehoord en bedacht dat we dan over 16 km wel weer verder kijken.

Op een gegeven het moment splitste het pad zich. De meeste sporen gingen rechtsaf dus wij zijn rechtdoor gereden. Na zoveel kilometer hadden we nog niemand gezien. Waarschijnlijk hadden we daarvoor het spoor naar rechts moeten volgen. We hadden al een tijd lang olifantenvoetstappen voor ons op de weg. Uiteindelijk zagen we ook de eigenaar hiervan: een mannetjesolifant in zijn eentje op pad. Na anderhalf uur het dier achtervolgd te hebben, kunnen we zeggen dat het gemiddelde sjoktempo van een olifant 5 km per uur is. We waren dus ook niet echt veel opgeschoten. De laatste 20 km richting het asfalt bestond uit wat stukken met dik zand, maar was over het algemeen goed te rijden. De snelheid kon ook weer iets omhoog. Dat was wel praktisch, omdat we besloten hadden toch een camping te zoeken voor de nacht. Daarvoor moesten we nog ongeveer 90 km naar Pandamatenga rijden. Daar kwamen we een kwartier na zonsondergang aan.

De volgende dag splitsten onze wegen: Serge en Tatiana gingen naar Kasane om daar in ieder geval wat tijd door te brengen bij Chobe Riverfront. Eelke en ik hadden besloten om bij Pandamatenga de grens over te gaan naar Zimbabwe. Dan is ook gelijk ons carnet-stempel-probleem gelijk opgelost. We zien elkaar over een ongeveer een week weer in Kruger NP om daar nog een paar dagen samen rond te rijden.

De grensovergang was niet ingewikkeld of moeilijk, maar ging wel weer op zijn Afrikaans. Zie voor een uitgebreidere beschrijving de pagina ´This is Africa´.

Vanaf de grens rijden we naar Robin´s Camp in Hwange NP.  Ons idee is om 3 nachten in Hwange te slapen. We wilden graag terug naar dit park. Al was het maar om te zien of er daadwerkelijk zo verschrikkelijk veel olifanten bij elkaar komen. Deze drie dagen hebben we ons uitstekend vermaakt. En die grote hoeveelheden olifanten die ze ons beloofd hadden, hebben we gezien! 

Op Robin’s camp zijn we bij een plek gaan staan waar een vuurplaats was. Een medewerker van de camping heeft hout gebracht en het vuur aangestoken. Lekker! Tijdens het eten hebben we een groep bavianen regelmatig horen schreeuwen vanuit hun boom. Vermoedelijk heeft een luipaard daar zijn avondeten gevangen.

Ook hier was het ‘s ochtends nog te koud. Zelfs de Francolins zaten nog in de bomen. Uiteindelijk kwamen er bij Big Tom’s platform nog twee hyena’s uit de bosjes ter hoogte van de groep zebra´s en de sabelantilopen. Maar deze dieren waren niet echt onder de indruk van de hyenas en de laatste genoemde verdwenen dan ook al weer snel tussen de bosjes. Inmiddels waren van de andere kant ook Roanantilopes aankomen wandelen. We hadden de dag ervoor al een redelijk grote kudde gezien. Waarschijnlijk was dit dezelfde kudde.

´s Middags op de terugweg van het platform zagen we een honingdas lopen!! Het is ons zelfs gelukt om er foto´s van te maken, geen hele mooie plaatjes, maar wel het bewijs dat we er een gezien hebben met daglicht. Doordat we foto´s wilden maken en kijken naar de honingdas moesten we wel haast maken om op tijd bij de gate aan te komen. Dus gas erop, nou voor zover dat kan in een park. Maar met 30km per uur de bocht door om daar een toeterende olifant tegen te komen is dan toch wel weer spannend. Met slippende banden geremd en op nog een beetje acceptabele afstand kwamen we tot stilstand. De rest van de kudde was in de berm blijven staan, maar dit mannetje stak uiteindelijk toch over.

’s Avonds heeft Maaike nog een wedstrijdje staren gedaan met een hyena. Deze bleek op ongeveer 10 meter afstand te staan. Normaal gesproken schijn je zo’n dier in zijn ogen en gaat ie wel weg. Deze was daar wat minder van overtuigd en gaf het pas na een minuut op. Dit is dan toch wel een lange minuut.

De ochtend daarna zijn we op tijd vertrokken omdat we naar het main camp wilden rijden ongeveer 150 km verderop. Bij het Nyamandhlovu platform hebben we de rest van de middag doorgebracht. Vorig jaar in juni hebben we hier wel wat dieren gezien, maar niet superveel. Nu bleven er maar kuddes olifanten komen. Echt bizar, zoveel olifanten als we de afgelopen dagen al hebben gezien en nu hebben we niet eerder gezien. Main camp, waar we vorig jaar ook hebben gekampeerd, was meer vervallen dan vorig jaar. Er waren nog minder lampen en kranen die het deden., Warm water werd ook nog maar in 1 toiletgebouw gestookt. De parken zijn zo mooi, maar het geld dat wij betalen om hier te mogen zijn en slapen komt niet terug bij de parken. Er is een 91-jarige strijkstok waar het een en ander blijft plakken. Zonde!

Vanuit Hwange zijn we via de stadscamping van Bulawayo (waar ze ons nog herkenden van vorig jaar) weer naar Zuid-Afrika gereden. De grensovergang bij Beitbridge van Zimbabwe naar Zuid-Afrika kostte niet zoveel tijd als destjids in 2013 de andere kant op. Na een nachtje bij het Forever Resort in Thsipise te hebben geslapen zijn we naar het Kruger NP gereden voor onze 9-daagse safari.

We zijn bij Pafuri het park binnen gegaan: de meest noordelijke gate van Kruger NP. Van het noordelijke deel van Kruger is bekend dat er minder toeristen komen, het er droger is en er minder dieren zitten. Dit hebben wij ook zo ervaren. Ondanks dat hebben we toch nog redelijk wat dieren gezien in het noordelijke deel, inclusief tsessebes. Die hadden we al even niet meer gezien. We hebben mooie stukken gereden en ook van het landschap genoten. De rustige camping bij Tsendze was ook heerlijk.  Helaas bleek in Tsendze dat onze startaccu´s niet meer wilde. Beetje jammer. Gelukkig konden we nog wel starten op de huishoudaccu´s (gekoppeld aan de zonnepanelen) en daar hebben we het mee gedaan totdat Eelke in Port Elizabeth een nieuwe accu heeft gekocht.

We hebben in deze 9 dagen heel veel gezien. Luipaarden met impala’s in de boom, cheetahs, leeuwen, olifanten en nog heel veel evenhoevigen (giraffen, waterbokken, impala’s, enz enz). Een aantal hoogtepunten tijdens deze dagen waren onze wandelsafari in Satara en onze overnachting bij de Sable Hide Dam. Tijdens onze wandeling hebben we met name giraffen en olifanten gezien. Het blijft bijzonder dat je, ook te voet, deze dieren redelijk goed kunt benaderen. Uiteraard is de afstand wel groter dan wanneer je ze vanuit de auto ziet, maar het voelt anders. En ook hier bleek weer dat de ene olifant de andere niet is. Waar we de ene konden benaderen tot op 50 meter moesten we van de andere zeker 100 m afstand aanhouden. En tijdens onze pauze op een openstukje zittend op een boomstam kwam een groep olifanten voorbij. Volledig op het gemak, al etend van de struiken die langs dit open stukje staan.

Bij de Sable Dam Hide is het mogelijk te overnachten. Hiervoor moet je bij Phalaborwa inchecken en krijg je de sleutel van het hek mee. Zo kun je je auto achter het hek zetten en naar de kijkhut lopen. In de kijkhut waren allemaal bedden opgeklapt tegen de wand. We hebben er een aantal laten zakken. Eelke en ik hebben hier op geslapen. Serge en Tatiana hebben in hun daktent geslapen. Zoals het hoort was het ook deze nacht erg donker. Helaas geen volle maan en de zaklampen die we hadden waren niet sterk genoeg om tot de overkant van de waterpoel te schijnen. Wel hoorden we ’s avonds een leeuw brullen in de verte. Dit deed hij ongeveer elke tien minuten en elke keer klonk het dichterbij. Totdat hij uiteindelijk aan de waterpoel stond. Maar ook hem hebben we alleen gehoord en niet gezien. Al met al een bijzondere ervaring.

Na Kruger NP zat het er op voor Maaike en Tatiana. We zijn met zijn allen naar Johannesburg gereden waar Serge en Tatiana hun huurauto hebben ingeleverd. We hebben een camping gevond hemelsbreed 200 meter bij het vliegveld vandaan. Maaike en Tatiana hebben ’s avonds een taxi naar het vliegveld genomen en zijn ’s nachts teruggevlogen naar Nederland.

Eelke en Serge hebben in de week erna de slak naar Port Elizabeth gereden, schoongemaakt en verschepingsklaar gemaakt. Na de auto achter gelaten te hebben bij de agent zijn ook zij terug gekomen naar Nederland.

Halverwege september hebben we onze slak opgehaald in de haven va Zeebrugge. Waar we in Afrika niemand nodig gehad hebben om ons door de douane te krijgen zijn we hier met iemand van het agentschap op stap gegaan. En eerlijk waar we hadden de douane nooit zelf gevonden. Gelukkig verliep het stempelwerk ook hier verder vlot en konden we onze slak meenemen (inclusief al zijn spullen). Hiermee komt er voor ons een einde aan dit Afrika-tijdperk. Op naar nieuwe plannen en nieuwe bestemmingen!!

 




Ja, ook wij zitten aan de cookies. Ze helpen ons ergens mee ... Hier klikken, dan ben je van de melding af.