Madagascar 2017

- Wie zijn wij - - Reisverslagen - - Onze auto's - - 'This is Africa' - - Album - - Contact / Links - - Gastenboek - - Voor overlanders/reizigers -

Madagascar (2017) deel III (23-4 t/m 2-5)

Vandaag hebben we de zondag gebruikt waar die volgens sommigen voor bedoeld is: als rustdag. Uitslapen zijn we verleerd, maar het feit dat er geen wekker afgaat en we niet snel onze tas hoeven in te pakken is al heerlijk. Op het gemak ontbeten in het restaurant van het hotel met uitzicht op de oceaan. Hier kwamen ook het Canadese koppel weer tegen en wat later op de ochtend de familie die mee was op het avontuur naar de tsingy. We hebben onze was laten doen en ik heb nog een paar dingen zelf gewassen. Daarna heerlijk op een strandbed gelegen, Eelke gebeld wat heel fijn was, internet gebruikt om onzinnige informatie tot me te nemen, verder met de blog. Lekker relaxed. 's Middags nog ergens wezen lunchen en daarna bedacht wat we de resterende tijd in Madagaskar gaan doen. Aan het einde van de middag hebben we dat besproken met Arsene, onze chauffeur. 's Avonds lekker gegeten bij café Baobab en net te laat terug om de wifi te kunnen gebruiken. Balen, want nu weet ik niet wat de uitslag is van PSV-Ajax. Meestal boeit dit me niet, maar dit keer wel. Morgen maar weer ergens wifi opsnorren.

De afstanden in Madagaskar zijn behoorlijk groot en in de regio waar we nu zijn (het westen en gebied ten zuiden van Tana) hebben we al redelijk veel gezien. We hebben bedacht dat we naar Ankarafantsika willen, maar dat betekent wel twee dagen rijden. Dus dat is wat we maandag en dinsdag gaan doen. Deze dagen zijn niet zo spannend en er valt niet zoveel over te vertellen. 

In Antsirabe slapen we bij Chez Billy. Een stuk aangenamere locatie dan waar we de vorige keer sliepen, voor minder geld, betere kamers en beter eten. De volgende dag eindigen we ergens tussen Tana en het park in. Het is hier voornamelijk erg warm. Daar staat dit gebied ook om bekend. We proberen te slapen met de ventilator aan, maar doordat af en toe de stroom uit en inschakelt worden we daar wakker van. Vanaf hier is het nog ongeveer drie uur rijden naar het park. Op een gegeven moment komen we bij een wegblokkade. Omdat ze verderop aan het werk zijn aan een brug kunnen we tussen 8 - 12 uur niet passeren. Na 2,5 uur wachten is het 12 uur en mogen we er door.  

In Ankarafantsika aangekomen blijkt dat we voor elke afzonderlijke dag in het park toegang moeten betalen. In Kirindy was het mogelijk om een avondwandeling en ochtendwandeling te doen op hetzelfde ticket. We besluiten dan maar beide wandelingen op één dag te doen. Dus eerst weer een middag vrij. Deze middag besteden we op dezelfde manier als de afgelopen dagen met lezen. We zijn begonnen aan een serie en hebben inmiddels deel 1 t/m 4 van de 8 delen uit. Helaas ontbreekt voorlopig deel 5 in onze verzameling dus kunnen we ook niet verder met deel 6.

Donderdag is in dit geval wandeldag. 's Ochtends vertrekken we rond half zeven voor een wandeling door het bos en naar de canyon. Vannacht heeft het behoorlijk geregend en geonweerd en blijkbaar worden de dieren daar ook stil van. In de eerste paar uur zien we niet zoveel. Uiteindelijk wordt dit goedgemaakt door twee nachtactieve lemurs (milne edward en sportive lemur) die vanuit hun hol de wereld observeren en nog een aantal vogels en slangen. De canyon is een mooi stuk kloof dat ook gelijk de rand is van het park. Hier vliegen nog een aantal verschillende soorten valken die elkaar graag lastig vallen. 

's Middags lopen we een rondje om het meer. Mogelijk zien we hier een krokodil, dezelfde als die elders in Afrika voorkomen (de Nijlkrokodil), een boa en verder nog wat vogels en ander gespuis. Zowel de boa als de krokodil zien we niet, maar ons dagrecord aan slangen komt op elf te staan. Zoveel heb ik er in mijn leven nog niet gezien op een dag. Verder mogen we weer een kameleon op het lijstje er bij zetten en de Madagaskar visarend. Het gaat behoorlijk goed met mijn lijstje nieuwe vogelsoorten. Zonder er heel erg mijn best voor te hebben gedaan en met het feit dat april slecht vogelseizoen is, kom ik toch nog op ongeveer 35 nieuwe soorten. Het voordeel van zo'n eiland is dat de meeste soorten alleen hier voorkomen dus die neem ik mooi mee. 

Bij de receptie zien we nog de coquerel sifaka's die daar heerlijk in de boom luieren. De verveelde uitdrukking is zelfs op de foto's terug te zien. Languit op hun buik met hun poten aan weerszijden van de tak hangend. Eigenlijk geen gezicht en daardoor juist grappig. Aan het einde van de dag lezen we nog wat, eten in het restaurant en lezen verder. 's Avonds spot Renske bij de gemeenschappelijke wastafel nog onze 12e slang voor die dag. Zeg maar slangetje, want heel veel groter dan een paar centimeter is ie niet. Later op de avond regent het ook weer net zo hard als de vorige avond. 

Vrijdagochtend vertrekken we na een ontbijt van koekjes en banaan richting Majunga. Dit is maar een paar uurtjes rijden, zodat we daar rond tien uur aankomen. Onze chauffeur kan het hotel niet vinden waardoor we vijf keer hetzelfde rondje rijden, maar uiteindelijk lukt ook dat. Uiteraard is er geen stroom, maar ook daar wen je aan. In deze plaats komen veel expats en je zou er goed moeten kunnen eten. Laten we dat maar eens gaan proberen. We wandelen naar een ijssalon waar we heerlijk ijs eten met vruchtensap en nog een stuk chocoladetaart. Van daaruit wandelen we over de boulevard naar de bijzondere baobab die inmiddels het midden is geworden van een kleine rotonde. Je mag de boom niet aanraken en er staat een klein hekje omheen. Ondanks dat is de hele boom volgekliederd met allemaal teksten. Jammer. Na nog een salade, gaan we weer terug naar het hotel waar we rustig verder lezen.

De zaterdag en zondag zijn weer rijdagen, nu richting Tana. Alles bij elkaar is het ongeveer elf uur rijden en daarom hebben we besloten dit toch maar in twee keer te doen. Hier valt alweer niet zo veel over te vertellen. Ondanks alle rustige dagen die onze chauffeur tussendoor heeft, blijft hij slaperig en stopt inmiddels uit zichzelf na 1,5 uur om water over zijn gezicht heen te gooien. Het waait deze dagen behoorlijk en dat zorgt er voor dat de temperatuur daalt. Ik moet eerlijk bekennen dat ik dat voor even niet zo heel erg vindt. Het was wel erg warm en plakkerig aan en richting de kust.

Na aankomst in Tana willen we de botanische tuin bezoeken. We hadden gelezen dat dit in de buurt van de dierentuin is, maar hadden niet begrepen dat beide tuinen in één gecombineerd zijn. Toch maar een rondje gelopen. De hokken waren niet heel slecht, maar zeker niet fantastisch. Het was leuk om te zien hoe families hier een uitje van maken door uitgebreid te picknicken in het park bij de tuin. Verder waren wij een grotere bezienswaardigheid voor de meeste mensen dan de dieren. We zijn ook menigmaal op de foto gezet. 

Op de terugweg lopend naar het hotel, zien we een jongen onze kant op rennen. Nou rennen ze hier wel vaker dus we schenken er geen aandacht aan. Totdat ik Renske een gil hoorde geven en zag dat die jongen aan iets trok. En gelijk daarna rende hij weer weg. Ik was even vergeten dat Renske altijd haar camera om haar middel heeft hangen en vroeg me af wat die jongen met een reisgids of ananas wilde. Gelukkig bleef het hierbij en was de riem van het tasje sterk genoeg om er geen geslaagde beroving van te maken. En dat terwijl ik voor het eerst mijn hele rugzak mee had de stad in. Blijkbaar hadden we vandaag geluk.

Maandag 1 mei is hier een vrije dag, net als overal ter wereld behalve in Nederland. Daar waren we niet direct achter, maar na ons bezoek aan de Royal Hill of Ambohimanga wisten we dat wel. We waren er rond negen uur en hadden een hele enthousiaste gids. Het hoe en wat is wel terug te vinden op wikipedia, maar een paar leuke feitjes wil ik jullie niet onthouden. Wanneer de koning en zijn vrouw bezoek kregen, klom de koning in de nok van zijn paleis en wanneer het bezoek 'goedgekeurd' was, liet hij een steentje op het hoofd van zijn vrouw vallen. Dan wist zij ook dat het goed was en klom de koning naar beneden. 

Het bed van de koning bevindt zich in de noordoosthoek van het paleis, omdat dat de richting is waar de voorouders vandaan komen. Deze zijn namelijk afkomstig uit Maleisië en ik dacht Indonesië.

Toen wij terugliepen naar de uitgang kwamen we steeds grotere groepen lokale mensen tegen die het paleis met een bezoekje vereerden. 's Middags hebben we super luxe geluncht in het station van Antananarivo. Heerlijke sandwiches en tartaar. We dachten dat we niet zo veel geld meer hoefden te wisselen, maar na deze lunch was het op.

Onze laatste avond hebben we geslapen bij Suzie's Place. Suzan is de vrouw van Coen, een van de eigenaren van Matoke tours en hij heeft de studiereis georganiseerd. Dit was onze meeste luxe overnachting tot nu toe. Allebei een eigen tweepersoonsbed, een balzaal met bad en warm water en ontbijt met ontbijtkoek, verse sap en kaas. Daar kunnen we weer even op teren. De middag en de avond hebben we voornamelijk pratend doorgebracht. Ook Tojo, onze gids de eerste twee weken, kwam nog even langs. Met Coen z’n zoontje hebben we nog vliegtuigenmemory gedaan en ondanks dat hij met zijn 6 jaar het voordeel van zijn leeftijd had, is het hem niet gelukt te winnen. Tot grote ontevredenheid, maar ook hilariteit van ons allemaal. 

Eelke heeft ons inmiddels deel 5 van de serie boeken gemaild en met behulp van Coen z’n computer staat die nu ook op mijn e-reader: we kunnen weer verder lezen. Na nog een ochtendwandeling tussen de rijstvelden door, zit ons verblijf in Madagaskar er op en brengt Coen ons naar het vliegveld. Hier begint het wachten op onze vlucht naar Kaapstad. 


Madagascar (2017) deel II (15-4 t/m 22-4)

Afscheid nemen van Eelke viel niet mee. We zijn dan ook niet eerder zo lang niet bij elkaar geweest. Na nog een laatste keer zwaaien was hij dan toch echt weg en waren we nog maar met zijn tweeën in plaats van vierentwintig. Dat zal ook wel weer even wennen zijn. Inmiddels is Jerry aangekomen op het vliegveld. Hij zou onze chauffeur zijn voor de komende twee weken, ware het niet dat hij geen tijd heeft. Dus kennis gemaakt met Arsene, zijn collega die wel tijd heeft. We worden door onze buschauffeur Marc, van de afgelopen twee weken, afgezet bij hotel Shanghai in de stad. Je vindt die Chinezen ook overal. Hiervandaan hebben we nog een korte stadswandeling uit de Lonely Planet gevolgd. Net als de meeste Afrikaanse steden die we tot nu toe hebben gezien, is ook deze stad niet heel mooi. De paar mooie gebouwen zijn grotendeels verwaarsloosd en vervallen, behalve het Paleis op Mother Hill en het presidentiële paleis. Beide gebouwen zijn ook nog in gebruik. 

's Avonds in het hotel hebben we een Chinese soep gegeten en vervolgens de reisgidsen weer open geslagen, want met de komst van een nieuwe chauffeur zijn er ook weer nieuwe plannen. Ons oorspronkelijke plan was om het westen te bezoeken, maar dat zou nu nog niet mogelijk zijn in verband met het regenseizoen en de conditie van de weg. Volgens deze chauffeur kan het wel met speciale trucks en laat zijn broer nou net eigenaar zijn van een reisorganisatie die er een paar heeft…. 

De volgende ochtend definitief besloten toch te proberen het westen te bezoeken in plaats van het noorden. Dit betekent wel dat we maar één nacht in Andasibe kunnen slapen, wat op zich geen probleem is. Dus op weg naar Andasibe waar we rond de middag aankomen. Zo hebben we nog even tijd om wat te wassen, lunchen en appen. Fijn om te lezen dat Eelke goed thuis is gekomen. 

Om de benen te strekken hebben we een stuk langs de weg gelopen, waar Renske zowaar zelf een kameleon heeft gespot! Op de weg terug was het geritsel in de bomen overduidelijk en na wat speurwerk vonden we een aantal grey-faced brown lemurs, ook wel common brown lemur genoemd. Ze waren met een stuk of acht via dezelfde route op weg naar de overkant waardoor we ze goed konden zien. 

We hebben er voor gekozen om in een privé park een avondwandeling te doen. De eerste muismaki's waren al snel gespot, deze keer gelukkig zonder banaan. Daarna duurde het even voor we weer wat zagen en was Renske degene die als eerste een kikker zag. Uiteindelijk hebben we nog best veel gezien: nog 3 andere soorten kikkers, een slang levend en wel, verschillende soorten spinnen en de eastern woolly lemur die op zijn gemak blaadjes aan het eten was. Terug bij het hotel hebben we nog wat gegeten en was het weer tijd om te gaan slapen.

Vroeg op om de indri indri te zoeken in het park, deze lemuren zijn met een ruime meter de grootste soort. Onze gids heet Daisy en werkt ook voor een Engelse reisorganisatie. Dat geeft een grappig effect, namelijk een lokaal iemand die Engels spreekt met een Brits accent. Dat hebben we nog niet eerder meegemaakt. Het is nog mistig als we vertrekken en dat maakt het lastig om de indri te spotten. Deze bevindt zich nog stil ergens bovenin een veertig meter hoge boom. De diadeemsifaka komen we dan ook als eerste tegen, met zijn drieën gemoedelijk in de boom. Ik die nooit foto's maakte heeft de stap genomen en ik ben nu op stap met Eelke's camera en een 70-300 mm lens. De eerste foto's zijn gemaakt, ben benieuwd hoe het er uit ziet op groot scherm. 

Na anderhalf uur kwam het zonnetje door en hoorden we de indri's roepen. Dit blijft een bizar geluid, iets tussen walvisgehuil en een Engelse politiesirene in. Al snel vonden we de eerste familie en met ons nog heel wat andere mensen. Toch redelijk snel verder gegaan op zoek naar een tweede familie, die we ook vlot vonden en waar we bijna de enigen zijn. Dat kijkt een stuk fijner. Nadat we net een paar honderd meter hebben gelopen beginnen ze weer te roepen en wordt er van direct boven ons geantwoord. Praten met elkaar kun je dan wel even vergeten. Indrukwekkend! Na deze derde familie verlaten we het park en gaan we op weg naar Antsirabe (voor de oplettende lezer: het klopt dat we daar zaterdag net vandaan kwamen). Al met al nog ongeveer zeven uur rijden te gaan. 

Het is de dag na Pasen en iedereen in Madagaskar is vrij. Overal langs de weg zijn families aan het picknicken en bij elk dorp zijn festiviteiten waardoor het zwart ziet van de mensen. Dat maakt het rijden door de dorpjes ook wel een rit met hindernissen. Helaas zien we ook voor onze neus een ongeluk gebeuren: van de auto voor ons breekt het rechter achterwiel af en rolt/schiet weg. In deze baan liep een meisje die daardoor de lucht in geslingerd wordt. Onze chauffeur stopt en gaat kijken, wij weten niet zo goed wat we moeten doen en blijven zitten. Wanneer hij terugkomt zegt hij dat haar been 'cut off' is. We hebben gevraagd of het niet alleen gebroken is, maar hij blijft hierbij. Ik vrees een beetje voor het leven van het meisje. Inmiddels zijn er meerdere auto's gestopt en tientallen mensen aan komen rennen. Onze chauffeur besluit door te rijden. Ik ben niet gelovig, maar een schietgebedje wil ik wel voor haar doen.

We komen met donker aan in Antsirabe waar het festival waar we eerder waren nog steeds in volle gang is. Op zoek naar een hotel eindigen we op een plek waar lokale mensen slapen met douche en toilet op de gang. Iets schoner was prettig geweest, maar voor een nachtje was het prima.

Dinsdag staat er weer een lange rijdag op het programma doordat we het plan gewijzigd hebben. We hebben eerst ontbijt gehaald en geld gepind in de stad en reden om acht uur de stad uit. Uiteindelijk zullen we rond half zes aan komen in Morondava. Onderweg hebben we het landschap zien veranderen van bergachtig naar heuvelachtig en groen naar droger met struiken en vlak bij de kust zien we ook de eerste baobabs. Met een hotel aan het strand komen we de avond wel door.

De volgende dag vertrekken we naar Bekopaka om de tsingy's te bezoeken. Dit wordt me het dagje wel. Bij vertrek hadden we al wat gesteggel over het wel/niet bereiken van de locatie. Omdat de truck het laatste stuk niet kan rijden, zouden we ongeveer 25 kilometer moeten fietsen en dan opgepikt worden door een andere truck. We besluiten alsnog te vertrekken samen met een gezin van vier (Maya, een Amerikaanse en woont sinds 2004 in Madagaskar, Mika, een beroemde Malagassische muzikant (youtube: Mika sy Davis) en hun  twee), een Roemeense (ik noem haar Beppie, wat kan die praten en zeuren zeg) en een lokaal koppel. Na tien uur hobbelen zat de bus uiteindelijk vast in de modder. De rest van de weg hiervoor was met name opgedroogde modder met kuilen, gaten, plassen, d-tours en d-tours van de d-tours. Goed, fietsen van het dak en gaan, maar wat te doen met de bagage? Deze gaat mee, niet mee, komt morgen, uiteindelijk na wat gemopper van mijn kant moeten wij onze bagage aanwijzen en worden er dragers geregeld. En om 19.30 uur gaan we op pad. Fietsen was voor mij niet denderend: eerst liep de ketting eraf, toen bleef hij vastzitten in het zwaarste verzet en vervolgens viel de trapper er vanaf. Dan maar lopen. Veel modder, doorwadingen, kleine glijpartijen en water tot net onder je kruis en dat voor ruim 25 kilometer lang. Blijkbaar komen er in deze regio ook krokodillen voor, hebben Renske en ik afzonderlijk van elkaar bedacht op basis van het gedrag van de locals. Da’s lekker rivieren doorwaden. We hebben het niet hardop durven zeggen. Rond 1.30 kwamen we aan bij de ferry. Wij kunnen nu wel zeggen dat we midden in de nacht in een pirogue onder een van de meest fantastische sterrenhemels een rivier zijn overgestoken. Dat was best bijzonder. Om het af te leren nog een kleine twee kilometer lopen naar het hotel. Even snel douchen en dan slapen was het idee, maar wanneer Renske de badkamerdeur goed dicht doet zit ik opgesloten. Van 4 tot 5 is nog twee man bezig geweest om de deur open te maken wat uiteindelijk lukte nadat ze een stuk van het kozijn hadden weggehakt. Dat kon er best nog even bij. 

Snel een paar uurtjes slapen en 's ochtends wachten tot we worden opgehaald. Zou half acht zijn en wordt half negen, omdat ze geen tweede auto kunnen vinden. De tsingy de Bemaraha is nog 17 kilometer off road rijden hier vandaan. Op de heenweg doen we er anderhalf uur over en op de terugweg drie kwartier. Het bezoek aan de tsingy's was erg gaaf en erg warm. Voor het omhoog klimmen naar de bovenkant van de tsingy krijgen we een harnas aan waarmee we onszelf kunnen zekeren aan een staalkabel. Mika vindt dit erg eng, maar doet uiteindelijk alles en is trots op zichzelf. En terecht. Het uitzicht was erg gaaf en het blijft bizar om de tsingys te zien. Toch weer anders dan die in Ankarana waar we tien jaar geleden waren, daar was het veel uitgestrekter, maar hier hadden we de hangbrug. Hoewel die er op de foto een stuk indrukwekkender uit zag dan in het echt, wat te verwachten was. Door de aanwezigheid van ons kakelende Beppie hebben we helaas geen dieren gezien. 

Terug bij het hotel hebben we een uurtje niet zo veel gedaan. Nog wel even mijn broek gemaakt, want daar zat een mooie winkelhaak in. 's Avonds hebben we samen met Maya, Mika en de jongens in hun hotel gegeten. Dit was voor de verandering erg lekker eten. We hebben zelfs een toetje gekomen. Daar kunnen we even op teren. 

En de dag van de waarheid: moeten we weer 25 kilometer lopen of kunnen we met een auto? Ze blijken dezelfde chauffeur geregeld te hebben als gisteren naar de tsingy, die ene die in 45 minuten terug gescheurd is. Met zijn allen in een bakkie past best aardig, samen met nog wat locals en bagage. Hij scheurt iets minder hard als de  dag ervoor, maar doet het echt supergoed. De eerste grote doorwading moeten we nog lopen, dus wel weer een modderbroek, maar bij de overige kunnen we blijven zitten. Echt een supergave rit met modder tot achter onze oren, spierpijn van de onmogelijke houding om in te zitten en wat blauwe plekken. Heerlijk. En na twee uur rijden zijn we bij de truck. Eigenlijk is het jammer, want het bakkie is veel leuker en sneller dan de truck. De rest van de middag hobbelen we door en bij Belo sur Tsiribihina nemen we weer de ferry wat ongeveer anderhalf uur duurt. Daar komen we ook onze chauffeur van vanochtend weer tegen. 

We stappen bij het Kirindy reserve uit, samen met de familie en Beppie en hier wacht onze chauffeur Arsene. Hij rijdt twee keer op en neer om iedereen naar het research centrum te brengen. We delen de kamer met Beppie waar we de volgende ochtend een beetje spijt van hebben, maar gezien de prijs van de kamer was het wel fijn. Zoals wel vaker is gebeurd de afgelopen dagen zegt onze chauffeur dat een locatie x kost en wanneer we er aan komen blijkt het ineens twee keer zoveel te zijn. Daar worden we niet zo blij van en vaak hobbelen we dan alsnog naar een andere locatie, maar in dit geval hadden we weinig alternatieven.

Tijdens de avondwandeling zien we weer muismaki's en de red-tailed sportive lemur, de grootste lemur die in deze regio voorkomt. Verder nog een aantal slapende vogels. Helaas geen fossa, misschien morgen. Renske en ik zijn gaar en gaan slapen, terwijl Beppie nog op zoek gaat naar de giant jumping rat, die ze uiteindelijk wel ziet.

De ochtendwandeling hebben we gepland om 9 uur, maar eerst nemen we afscheid van de familie. De twee dagactieve lemurs zijn vervolgens snel gevonden: verraux sifaka en de red-fronted brown lemur. Verder lukt het om nog een paar bijzondere vogels te spotten, zoals de blauwe vanga. En we zien een slang die op zijn dooie gemak verder glijdt op ongeveer twintig centimeter van Renske's voet. Terug bij de lodge blijkt er een fossa te slapen naast de vuilnisbelt dus ook die pakken we nog even mee. Goed geslaagde trip! Terug wachten we op onze chauffeur die de familie heeft teruggebracht naar Morondava. Eindelijk weer wat tijd om de blog bij te werken. 

Op de weg terug naar Morondava doen we een rondje baobabs met als afsluiting de Baobablaan bij zonsondergang. Helaas niet de mooiste zonsondergang die we hebben gezien, maar mooi genoeg voor toch behoorlijk wat foto's. Getipt door een Canadees stel dat we eerder zijn tegen gekomen gaan we naar het Morondava beach hotel waar we voor een leuke prijs een eigen bungalow, lees betonnen hok met ramen en badkamer hebben. Hier gaan we dan ook een dagje pauze houden. 


Madagascar (2017) deel I (2-4 t/m 15-4)

Vandaag vertrekken we vanaf Schiphol naar Madagascar. Ieder met zijn eigen serie vluchten: Eelke met z’n collega en studenten via Istanbul en Mauritius en Renske en ik via Frankfurt en Johannesburg. 

Op maandagmiddag komen we vlak na elkaar aan op het vliegveld in Antananarivo. De douanecontrole valt gelukkig mee en duurt niet al te lang, visa hebben we vooraf bij het consulaat in Rotterdam gehaald. Alle bagage is ook aangekomen. Na een rondje geld wisselen, waarbij je ineens toch miljonair blijkt te zijn, vertrekken we naar onze hotels.  Dit is maar vijf minuten rijden. 's Middags lopen Renske en ik nog een klein rondje over de markt en kopen in een restaurant flessen water. In een combinatie van Spaans, Engels en Frans komen we er wel uit. Op de markt zijn de gebruikelijke groente en fruit te koop en een aantal mensen verkoopt gedroogde vis. Uiteraard worden we nagestaard door jong en oud.

Terug in het hotel bestellen we vast ons avondeten met het idee dat we om zeven uur kunnen eten. Ondanks dat we op tijd besteld hebben komt het eten pas om kwart over acht. Voor sommigen is dat wat laat en de meesten kennen het Afrikaanse tempo nog niet. De voorraad bier was inmiddels ook op, maar werd snel weer aangevuld met Heineken.

Tulear

De volgende ochtend opnieuw vertrokken naar het vliegveld voor de binnenlandse vlucht naar Tulear. We bleken naar het privé vliegveld er naast te moeten, omdat we een chartervlucht hadden. Iedereen de bus weer in, bagage mee en 10 minuten rijden. In de hangar wordt een voor een de bagage gewogen en een boardingpass uitgeschreven. Er stonden twee toestellen waar ongeveer 30 personen in konden en een kleiner toestel. Al met al hebben we best nog een tijd gewacht voordat we vertrokken. We hadden een van de 30-persoonstoestellen voor onszelf. Onderweg werden we van een maaltijd voorzien, fris, koffie, thee en wijn en dat alles in anderhalf uur tijd. De landing ging met behoorlijk wat turbulentie gepaard, maar zonder problemen.

In Tulear wachtten de bussen op ons waar we de komende twee weken mee rond zullen reizen. Aangezien het lunchtijd was, zijn we dat eerst gaan doen. Omdat het niet handig is dat ieder voor zich gaat bestellen hebben we afgesproken dat er een aantal verschillende schotels worden geserveerd waar iedereen wat van kan pakken. Na zeven rondes zat iedereen vol, maar bleek dat we nog aan het hoofdgerecht moesten beginnen. Toch maar even overleg met de eigenaar en besloten dat we alleen de vis nog zouden laten uitserveren, oh ja het dessert kwam er ook nog achteraan. Dit alles werd afgesloten met een kleine rumproeverij waarvan we de restjes mochten houden. Vervolgens in het dorp eerst nog wat boodschappen gedaan en een deel van de groep is met de eerste bus naar het hotel aan het strand gereden. Het andere deel heeft nog een rondje door de stad gelopen en een potje gevoetbald tegen de lokale jongens. Toen was er ineens best veel publiek. In het hotel bleek dat nog niet alles op orde was. Zo had bv niet elk huisje licht en dan zijn vijf kaarsen ineens best warm wanneer het buiten al 35 graden is. De volgende ochtend bleken we ook geen water te hebben. 

De avond werd door een deel van de groep uitgebreid gevierd met bier en rum, de rest heeft geprobeerd te slapen. Ondanks alles stond iedereen toch de volgende ochtend weer op tijd klaar voor de excursie naar de mangrove. Het was een leuk rondje lopen, maar heel erg warm (ruim 35 graden). Gelukkig duurde het niet zo heel lang. Onderweg hebben we wel nog heel wat krabben en longvissen gezien die over het water heen stuiteren.  

Na de mangrovebossen zijn we doorgereden naar Ifaty, waar we op een luxe plek aan het strand hebben geluncht. Er was een zwembad, maar uiteraard kon je ook in de oceaan zwemmen. Na deze siesta hebben we een rondje door het spinyforest gelopen. Hier staan baobabs en cactussen van meters hoog waar je tussendoor loopt. De gids vertelde veel over de planten en bomen en navraag over de vogels leverde ook daar veel informatie over op. Onderdeel van het nationaal park is ook de schildpadden- en ringstaartmakiopvang. Als het goed is gaan we de maki's ook nog in het wild zien. De avond verliep wat rustiger dan de vorige. Het water was gelukkig wel weer aangesloten, zodat iedereen lekker kon douchen en de wc kon doorspoelen. Hoe dat ruikt met een halve groep aan de diarree wil je ook niet weten.   

Isalo

Isalo is onze volgende bestemming. Een aardig eindje rijden, dus we zijn op tijd vertrokken. Hierdoor hadden we wel tijd 's middags langs te gaan bij een saffiermijn. Hier graven mannen met de hand de grond af op zoek naar saffieren. Hard werk voor weinig geld en dat alles onder zeer warme omstandigheden. We hebben nog even in de showroom gekeken, maar het was allemaal erg prijzig. Later tijdens de reis komen we nog in Antsirabe waar het een stuk goedkoper is. Maar dan kun je niet zeggen dat je saffieren echt uit Ikalaka afkomstig… jammer dan.

Bij Isalo aangekomen duikt een aantal mensen direct hun bed in. Andere bacteriën, malarone pillen, de warmte, drank, te weinig slaap enz hebben er voor gezorgd dat een gedeelte van de groep geveld is door reizigersdiarree. Voor het eten komen de meeste hun bed wel weer uit, hoewel de eetlust te wensen over laat. Dat is ook goed te zien aan de gevulde borden die worden afgeruimd. Dat terwijl er voor morgen een mooie, maar ook lange wandeling gepland staat. De volgende ochtend blijkt dan ook dat niet iedereen mee gaat. Er ontbreken er zes, waaronder Eelke. Gezien de score de avond ervoor valt dat niet tegen. Wel balen dat Eelke niet mee kan, al hebben we deze wandeling tien jaar geleden ook gemaakt.

Vanwege de warmte vertrekken we vroeg, om kwart voor zeven. De bus kan door de weggespoelde weg niet bij de parkeerplaats komen, waardoor we nog een stukje extra mogen lopen. We lopen eerst omhoog de kam van de canyon op, waar we vervolgens een aantal kilometer over heen lopen. Met ontzettend mooie uitzichten op de canyon en de rotsen aan de overzijde is dit een geweldige wandeling. Deze mening wordt door een groot gedeelte van de studenten gedeeld. 

Verderop dalen we af de canyon in. Altijd weer prettig lopen op een trap waarvan alle treden ongelijk zijn en sommige afstapjes meer klauterkunst vereisen. Maar eenmaal beneden is een campsite die gebruikt wordt voor het bereiden van onze bbq lunch. Eelke is met de late bus gekomen en eet wel mee. In de tussentijd hebben we nog ringstaartmaki's gezien en een verreaux sifaka. De laatste is als enige overgebleven en leeft in de nabijheid van de ringstaartmaki's. Niet vergeten te vertellen dat we ook een paradise flycatcher hebben gezien in vol ornaat!

Na de lunch zijn we door de kloof naar de blauwe en zwarte poel gelopen. Hier kan gezwommen worden, wat de meesten ook doen. Bij terugkomst op de camping blijken daar nog red fronted lemurs rond te lopen. Supergeslaagde dag.

Fianarantsoa

De volgende dag hebben we onderweg naar Fianarantsoa geluncht in park Anja, waar we eerst een rondje hebben gelopen. Hier hebben we opnieuw ringstaartmaki's en kameleons gezien. Gelukkig hebben de zieken onder ons deze dieren nu ook gezien. Na de lunch was er nog behoorlijk wat brood over. Wat doen we er mee? Aan de kinderen geven vinden wij een slecht plan, omdat ze dat aanmoedigt tot bedelen of wachten op deze plek of er nog wat over blijft. Dan gooit de chauffeur het weg, waarna de kinderen het alsnog uit de prullenbak halen. Ook niet de gewenste situatie. We hebben voorgesteld dit voortaan op de public school af te geven, zodat het daar verdeeld kan worden. Dan leren de kinderen dat bedelen niet werkt en misschien is het dan gelijk een extra stimulans om naar school te gaan. 

In Fianarantsoa hebben we met de groep nog wat huishoudelijke zaken geregeld, zoals geld wisselen, boodschappen, kaarten posten enz. Hier bezoeken we twee NGO's: Feedback Madagascar en Grand Lyon. Beide hebben tot doel de inwoners toegang te geven tot schoon drinkwater. De een doet dat door semi-openbare bronnen te slaan op centrale plaatsen en de andere door drinkwatersystemen aan te leggen met kranen op straat en leidingen naar mensen thuis. Bij beide organisaties kunnen mensen een abonnement afsluiten voor drinkwater. Na afloop van de presentaties hebben we een aantal locaties met pompen bekeken. Over de presentaties: vaak waren ze in het Frans, werden ze in het Malagassisch verteld en vervolgens vertaald in het Engels. Hierdoor duurde het af en toe wat lang. 

Een van de kranen waar we langskwamen was kapot en de buurt kreeg het niet georganiseerd om voldoende geld in te zamelen voor een nieuwe. Jordy heeft diep in zijn buidel getast (15.000 Ariary, ongeveer €4,50) en een nieuwe kraan gekocht. Op voorwaarde dat deze gelijk geïnstalleerd zou worden. Zo gezegd zo gedaan. Uiteraard is er geen hoofdkraan aanwezig waardoor het verwisselen voor Tannous en Tojo een nat pak opleverde. 

De middag heb ik vrij genomen terwijl Eelke met de studenten bij de universiteit op bezoek is geweest. Hier hebben ze een meet en greet gehad met lokale studenten en zo wederzijds veel kunnen leren over elkaars landen en wijze van studeren. Na weer een potje voetbal en een bezoek aan de supermarkt waren ze aan het begin van de avond weer terug.

Oorspronkelijk hadden we in ons programma een treinrit van Fianarantsoa naar Manakara. Dit is de enige dienst op Madagascar die nog rijdt. Zowel de dienstregeling als de technische staat van het spoor en het rijdende materieel zijn echter zo onbetrouwbaar, dat deze er uit is gehaald. Ons hotel ligt echter wel langs de spoorbaan en we hadden de trein al een keer voorbij horen rijden. Hij rijdt als het goed is twee keer in de week op en neer: een keer met passagiers en een keer met vracht. Op de laatste ochtend stond de trein bij het station bij het hotel en dit keer konden zowel goederen als personen mee. Het bleek de enige rijdende locomotief op het eiland te zijn en deze is dan ook goed bestudeerd. Een aantal mensen heeft de locomotief zelfs van binnen bekeken.  

Hierna hebben we nog een bezoek gebracht aan de volgens de gids enige theeplantage in Madagascar. De wandeling via de theevelden naar de fabriek kon niet iedereen bekoren, aangezien nog niet alle katers waren vertrokken. Tijdens de wandeling was wel goed te zien hoe ver de plantage zich uitstrekt. In de fabriek hebben we tekst en uitleg gekregen over het proces waarmee thee wordt gemaakt. Groene en zwarte thee zijn afkomstig van dezelfde plant, alleen van andere blaadjes. Daar waar de zwarte thee ook fermentatie nodig heeft, wordt dit proces bij groene thee juist gestopt. Na afloop konden we nog thee proeven en uiteraard kopen. Er was zoveel animo dat ook de reservevoorraad aangesproken moest worden.

Ranomafana

De hutjes van het hotel hebben mooi uitzicht op de rivier. Helaas regent het 's middags nog wel wat, maar de avondwandeling houden we gelukkig droog. In het park mogen geen avondwandelingen meer gedaan worden, dus lopen we langs de weg. Ondanks de behoorlijke hoeveelheid auto’s die er voorbij komt hebben we nog best wel wat gezien: verschillende soorten kikkers, een spin, verschillende soorten kameleons en muismaki's. Helaas worden de muismaki's gevoerd, zodat de bezoekers ze goed kunnen zien en fotograferen. Daar houden we dan weer niet van. Gelukkig hebben we er ook nog een aantal gezien door zelf goed te spotten. 

De volgende ochtend vroeg op om een wandeling te maken door Ranomafana. Om 6.30 u zijn we op pad in het park. Bij beide groepen zijn spotters vooruit gestuurd op zoek naar lemurs en de eindscore mag er zijn: greater bamboo lemur, golden bamboo lemur, black and white rufus lemur, milne edwards safaki en de red bellied lemur. Voor een aantal soorten mochten we behoorlijk klimmen en klauteren over gedeeltelijke niet bestaande paden wat nog wel wat glijpartijen opleverde. Tijdens het bekijken van een van de groepen bleken we ook tussen de bloedzuigers te staan. Dat maakt de beloning wel groter. Heerlijke wandeling en in tegenstelling tot 10 jaar geleden kon Eelke nu ook mee. 

Antsirabe

Antsirabe is onze laatste stop met deze groep. De weg ernaar toe is lang en het duurt nog langer door oponthoud. Eerst in de vorm van wegwerkzaamheden waar we moeten wachten tot onze kant mag rijden. Maar er blijkt ook een vrachtwagen de krappe bocht niet te kunnen maken. Hierdoor loopt alles vast en rijdt er niets meer. Uiteindelijk besluiten een aantal chauffeurs over de nieuwe maar nog afgesloten weg te rijden. Aangezien dit in twee richtingen gebeurt, staat het na ongeveer tien auto's weer vast. Na wat regelwerk kan een kant in ieder geval weer rijden. Dus na 1,5 uur kunnen we weer verder. Verderop krijgt een van onze bussen nog een lekke band waarmee de vertraging oploopt tot ongeveer 2 uur. 

Na een late lunch in een verschrikkelijk vaza hotel brengen we nog een bezoek aan een hout bewerkingswerkplaats. Na een demonstratie figuurzagen mogen we natuurlijk rondkijken in de winkel. Dan snel verder naar ons einddoel. 

We slapen een eindje buiten Antsirabe bij Madalief. Het is een hotel, opgezet door een Nederlandse die achttien jaar geleden als reisleidster in Madagascar kwam en niet meer weg is gegaan. Een van onze buschauffeurs blijkt haar partner te zijn en vloeiend Nederlands te spreken. Dat had ie wel eens mogen zeggen …. Gelukkig heeft niemand al te rare onzin uitgekraamd.

In Antsirabe bezoeken we een Nederlandse NGO: Jiro-Ve. Het is een club die de armsten van licht probeert te voorzien, zodat het leven ook voor hun ’s avonds nog een paar uur door kan gaan als de zon om zes uur onder gaat. We helpen ze met adviezen en een donatie. ’s Middags bezoeken we nog een werkplaats waar van zebuhorens allerhande gebruiksvoorwerpen worden gemaakt en een atelier waar iemand van restmaterialen autootjes en fietsen maakt. De dag sluiten we af op een lokaal festival/kermis met legio drank- en etenstentjes, handmatig voortbewogen zweef- en draaimolens en uiteraard veel muziek. Het avondeten hebben we maar een uurtje doorgeschoven ….

De volgende morgen weer vroeg op om Eelke met zijn collega en studenten op het vliegveld af te zetten en dan zullen we eens na gaan denken over ons plan voor de komende weken.

 




Ja, ook wij zitten aan de cookies. Ze helpen ons ergens mee ... Hier klikken, dan ben je van de melding af.